Ik liep 110 km!
Het plan was eigenlijk simpel: 18 uur lang aan één stuk lopen en zien hoeveel kilometer er op de teller zouden verschijnen. Gewoon de tijd volmaken, zonder vaste eindbestemming. Ik schreef op mijn vorige blogpost dat ik door de hitte dacht om langs het water richting Antwerpen te lopen, maar m’n gedachten veranderden op het laatste moment, ik koos voor de “frisse” zeelucht van 27 graden. Wat vooraf een vlakke route leek, viel in de praktijk trouwens tegen. De hoeveelheid hoogtemeters vanaf Moorslede tot Klerken had ik onderschat. Het waren geen zware hellingen, maar als je vlak verwacht en plots toch die golvende wegen krijgt, merk je dat wel meteen aan je hartslag. Samen met de zon maakte dat het direct een pak lastiger.
Schakelen in het ritme: van 9:1 naar 5:2
Om 06:00 uur ’s ochtends ging de wekker en startte de teller. De tactiek moest ik onderweg constant bijstellen om mezelf niet tegen te komen. De eerste marathon (de eerste 42 kilometer) haspelde ik nog af in 4,5 uur, een strak tempo van 9 minuten lopen en 1 minuut wandelen. Maar toen de warmte echt begon door te wegen en die onverwachte hoogtemeters hun tol eisten, moest ik slim gaan doseren. Ik schakelde over naar 5 minuten lopen en 1 minuut wandelen, om uiteindelijk in de finale te landen op een 5:2 ritme (5 minuten joggen, 2 minuten stappen).
De crisis bij kilometer 72
Rond kilometer 72 gaven mijn benen het eigenlijk op. Het grindpad tussen Diksmuide en Nieuwpoort, met tegenwind vlak in de middagzon, was pittig. De combinatie met de extra hoogtemeters en de afstand eiste zijn tol. Mijn rechterbeen begon te protesteren, er ontstond een pijn naast mijn scheenbeen en de vermoeidheid sloeg in als een hamer.
Wat er toen voor zorgde dat ik de knop weer omgedraaid kreeg? De supporters. Op de meest onverwachte momenten en plekken doken er plots bekenden op langs de route om me aan te moedigen. Die onverwachte boost en de sfeer van de supporters die er plots stonden, gaven me telkens nét dat nodige zetje om door te blijven gaan. Verstand op nul en stappen.
De kaap van 100... en door!
Rond 20:44 uur zag ik de cijfers op mijn sporthorloge eindelijk verspringen: 100 KILOMETER. De grens was bereikt.
Maar de 18 uur waren nog niet om, en opgeven stond (nog) niet in het woordenboek. De knop ging definitief om naar puur wandelen om de spieren te sparen, maar stoppen deed ik niet. Met een pijnlijk onderbeen en voeten die flink afgezien hadden van de warmte, perste ik er op karakter nóg eens 10 bonuskilometers uit.
De uiteindelijke balans? 110 kilometer.
De dag erna: het herstel
De nacht erna was een ramp—door de restless legs en de pijntjes aan m’n rechterbeen slaap je nagenoeg niet na zo’n aanslag (3u en een slaapscore van 33 volgens garmin). Zondag was het wat overleven maar mijn benen hielden beter stand dan verwacht. Nu nog enkele dagen herstellen en dan terug genieten van kortere loopjes!
Zal het bij één ultra blijven? Gisteravond zei ik volmondig ja. Vandaag, met 110 kilometer in de achterzak en het bewijs dat de geest sterker is dan de elementen, de heuvels en de hitte... wie zal het zeggen.
Nu nog wachten hoeveel dit alles opgebracht heeft voor kom op tegen kanker. Het enige dat ik zeker ben is dat ook dat m’n stoutste verwachtingen heeft overtroffen!
110k in the pocket! ๐๐๐ฅ
Reactie plaatsen
Reacties
Jonas, big up!!!
geweldig wat je voor elkaar kreeg!! immens veel respect!
Fantastisch gedaan Jonas! Sterkโฆ!!!